Interview met Dennis Vonk

"Die kipverkoop was een prachtige tijd"

Dennis Vonk, bij velen bekend van zijn glazenwasserij en schoonmaakbedrijf, zijn prachtige oude foto’s op Facebook en natuurlijk van de tennisbaan. Een man met een duidelijke mening die de discussie niet uit de weg gaat. “Als men maar beleefd blijft tegen elkaar.” Dennis Vonk is een mooi voorbeeld van ‘ruwe bolster, blanke pit’. Hoog tijd om een praatje te maken met de 52-jarige inwoner van De Cocksdorp.

 Geboren Texelaar?

Nee, maar ik woon hier al wel heel lang. Ik was vijf toen mijn ouders naar Texel gingen. Ik ben in de tussentijd nog wel van het eiland geweest. Zo ben ik onder meer badmeester geweest in Brabant. Dat was zwemmen voor mensen met een handicap of een ziekte, zoals bijvoorbeeld leukemie. Het was extra verwarmd water. Het was dankbaar werk. De mensen met een geestelijke handicap waren een prachtige groep om mee te werken. Als ik hier zou zeggen ‘ik ben de beste zwemmer van Texel’, staan er twintig mensen klaar om te roepen dat dat niet zo is. Als iemand van die klas dat riep, beaamde de rest van de groep dat meteen.  Het was prachtig werk, maar Texel blijft altijd trekken he. Inmiddels alweer 25 jaar terug.

En sindsdien je eigen schoonmaak bedrijf?

Nee joh, ik heb van alles gedaan. Ik heb altijd gewerkt. Zo ben ik ook opgevoed. School en ik was geen goede combinatie. ‘Werken met je reet’ was dan het devies vanuit thuis. Ik heb samen met mijn broer een viswinkel in De Koog gehad, waar nu Geen Idee zit. Het was best leuk, maar mensen vonden altijd dat ‘het toch niet zo was als de visboer thuis’, kon ik slecht tegen. Ik lust zelf geen vis, dus al mensen mij vroegen wat ik van de vis vond antwoordde ik ook eerlijk dat ik geen idee had. Op een gegeven moment hadden we twee toeristen en die bestelden kibbeling. Had mijn broer al een hekel aan, want dat zuigt het vet op. Zegt die vrouw dat het prima was, maar dat het bij de visboer thuis beter was. Schoot mijn broer in het verkeerde keelgat. Hij grist het broodje uit haar handen, gooit het in de prullenbak en  stuurt haar de winkel uit. “En de volgende keer dat u naar het eiland komt, neemt u uw eigen vis maar mee!” Dat was het moment dat ik wist dat we wat anders moesten gaan doen.

Dennis is een goed verteller en de ene anekdote naar de ander wordt op tafel gegooid. Ondanks de humor waarmee het op tafel wordt gesmeten, wordt ook de ondernemer zichtbaar.

“Ik besloot na de viswinkel een bedrijf met restpartijen te beginnen. We hadden van alles en nog wat. Zo kwam ik goedkoop aan een partij van 150 bungalowtenten. Met allemaal was wel iets mis.  Ik verkocht ze voor 10 gulden per stuk. In de winkel moesten die tenten 150 gulden kosten. Ze gingen dus snel. Maar al na een uur kwamen de eerste kopers terug. De één miste een stok, bij de ander zat een scheur in het doek. “Dan koop je er toch gewoon een tweede bij, ze kosten toch bijna niets.” Binnen de kortste keren was ik ze allemaal kwijt.

Nu Dennis al twaalf jaar zijn eigen bedrijf heeft, raken zijn avonturen wellicht een beetje in de vergetelheid. Van snackbar ‘Broodje Vonkie’ naast de oude toekomst tot de verkoop van kip op het dorpsplein in De Koog.

Die kipverkoop was een prachtige tijd. Het liep storm. Ik stond daar zeven dagen in de week. Naast de kerk. Iedereen kwam kip halen. Maar er kwamen klachten vanuit de kerk, de kerk begon naar kip te stinken. Dus toen in overleg met de gemeente naar de overkant van het plein verhuisd. Stond toen nog een huisje, het was heel anders dan nu. Ik had een vergunning om overdag te verkopen. Maar de kip die ik niet verkocht haalde ik helemaal van het bot af en gooide ik in een grote pan satésaus. De broodjes kipsaté gingen als warme broodjes over de toonbank. En je snapt het al, tot in de late uurtjes. Ik ging gewoon door, want ’s nachts wilden de mensen maar wat graag een vette snack. Soms was de kip op, maar ik moest toch wat verkopen. Gooide ik extra sambal door de saté. Nooit iemand gehoord dat er geen kip in zat. Broodje vonkie

Maar goed, dat ging een tijdje door, tot ik op een dag twee dagen vrij was geweest en bij terugkomst een heel gebied afgezet zie met bouwhekken, inclusief mijn kipkar. De gemeente had mij niet ingelicht dat het huisje gesloopt ging worden en alles op de schop ging. Ik kon terug naar de plaats naast de kerk. Dat wilde ik niet, daar moest ik van de gemeente zelf weg en ik had nog een vergunning tot 1 november op deze plek, terwijl het pas augustus was. Ik heb een mail gestuurd naar het programma Breekijzer met Pieter Storms. Die was geïnteresseerd en ik werd al snel gebeld. Alles afgesproken en in scene gezet. Wij met hoge snelheid de Groeneplaats oprijden – waar toen het gemeentehuis nog stond. We sprongen de auto uit en zouden zo het gemeentehuis in rennen. Maar ik had Edo Kooiman – die toen nog bij het Noordhollands Dagblad werkte en waarmee ik bevriend was – al verteld over de actie en die was er al. Deed keurig de deur voor ons open. Een gesprek met de burgemeester kregen we niet. Daar had Pannenkoek (verwijzend naar burgemeester Geldorp-Pantekoek) geen zin in. Het kwam uiteindelijk tot een rechtszaak, ik wilde 5.000 euro vergoeding die de gemeente niet wilde betalen. De advocaat van de gemeente gaf ik de rechtszaal al aan dat ik gelijk had. Ik heb het niet eens doorgezet, de proceskosten heb ik via de kantonrechter teruggekregen. Ik ben toen gestopt met de kipkar. 

Aangezien Dennis niets te doen had ging hij aan de slag bij het glazenwassersbedrijf van Ko Vinke, het begin van zijn schoonmaakcarrière was geboren.

Het was een prima baan.  Ik moest onder meer de ramen van het gemeentehuis wassen. Ik zei: “ik doe niet het raam van de burgemeester”. Antwoorde Ko: “dan doe je die toch niet?” Het raam van de burgemeester heb ik dan ook nooit gewassen. Was principedingetje. Ik heb overigens helemaal niets tegen haar als mens hoor. Maar goed, tijdje bij Ko gewerkt tot ik een tijd uit de roulatie was met een blessure. Toen ik terugkwam had hij ook een ander in dienst en eigenlijk net geen werk voor twee. Toen ben ik voor mijzelf begonnen. Dennis

Dat beviel?

Ik doe het nog steeds, dus ja. We begonnen alleen met glazenwassen, maar op een gegeven moment kwam bij een klant de vraag of we ook de schoonmaak wilden doen. Dat is mijn vrouw Esther toen gaan doen. Dat is langzaam maar zeker gegroeid. Ik merk dat het steeds lastiger wordt om goed personeel te vinden. Ik zie dat ook niet meer goedkomen. Ik ben nou als bedrijf iets kleiner dan ik ooit ben geweest, omdat ik niet meer personeel kan krijgen. Soms krijg je mensen via het uitzendbureau die helemaal niets willen. Ze kunnen het misschien wel, maar ze willen gewoon niet. Als het mooi weer is, weet ik al dat een aantal niet op komen dagen. Dat soort personeel ben ik snel klaar mee. De medewerkers die al langer bij mij in dienst zijn, zijn geweldig. Daar ga ik voor door het vuur. Maar ik snap ook wanneer mensen een nieuwe stap maken. Ik had een mevrouw in dienst. Had geen schoonmaakervaring, maar deed het geweldig. Na twee jaar belde ze me. “Ik vind het heel leuk bij je, maar ik kan een goede baan krijgen bij de gemeente Den Helder.” Ik heb haar gezegd dat ze dat direct moest doen, dat is toch prachtig. Als ik echt handjes te kort had, mocht ik haar altijd bellen. Ze heeft ondanks haar betere baan nog een aantal keren geholpen. Prachtig. Inmiddels werken Esther en ik ook zeven dagen in de week in het bedrijf. Dat is niet erg, ik voel me niet te goed om schoon te maken en het werk moet toch af. Maar het geeft wel aan hoe hoog de werkdruk is.

 Zie je het echt zo somber in met personeel?

Ik zie niet snel hoe ze dat gaan oplossen. Mijn dochter werkt in Julianadorp, geloof me, daar is het nog veel drukker aan het strand. Mijn dochter woont daar ook en ze is niet de enige. Er wonen daar veel meer Texelaars. Daar zijn de woningen wel betaalbaar en ook het salaris is prima. Hier wordt  vaak puur betaald wat de cao voorschrijft. Je mag ook best meer betalen he!? Bovendien gaan mensen die eerder wel op Texel wilden werken daar naar toe. Zitten ze niet met de extra reistijd door de boot. We moeten niet denken dat iedereen maar hier wil werken. Ik heb hier ook wel eens contact gehad met de gemeente over plaatsing van mensen die langere tijd zonder werk hadden gezeten of een beschermde werkomgeving nodig hadden. Ik hoefde ze niet te betalen, want het was met behoud van uitkering. Dat vind ik dus onzin. Mensen die bij mij in dienst zijn, hoeven geen uitkering. Als ze werken, krijgen ze gewoon betaald. Zei dat ik er wel twintig in dienst kon nemen. Zouden ze op terugkomen, nooit meer iets van gehoord. Gemiste kans dus. Ik zou het prachtig vinden om mensen die zwakker in de samenleving staan in dienst te hebben. Laten we als voorbeeld iemand met een downsyndroom nemen. Het zou toch prachtig zijn als die met één van mijn reguliere medewerkers meehelpt bij het schoonmaken op de boot. Laat je direct zien dat we dat soort zaken op Texel mooi weten te regelen.

Bedankt voor het interview Dennis!

Tekst: Job Schepers

 

Ondernemer uitgelicht

"Die kipverkoop was een prachtige tijd"

Dennis Vonk, bij velen bekend van zijn glazenwasserij en schoonmaakbedrijf, zijn prachtige oude foto’s op Facebook en natuurlijk van de ten...

Twitter

TOP Texel - Texels Ondernemers Platform - Postbus 155 - 1790 AD DEN BURG Texel - E-mail:
ontwerp & techniek: Zilte Zaken i.s.m. WEBJONGENS © 2017